Bij blikseminslag in het gebouw of in de omgeving daarvan, kunnen via metalen geleiders bliksemspanningen het gebouw binnenkomen. Bovendien kan door ontlading ook inductie optreden die in elektrische-, data- en telecomleidingen een spanning opwekt die hoger is dan normaal. Die overspanning kan veel schade aanrichten aan vooral elektronische apparatuur. Veelal direct waarneembaar soms indirect in de vorm van storingen die pas later zichtbaar worden. Overspanningsbeveiliging is één van de specialismen van Jules Goossens Bliksembeveiliging B.V. Een grondige risico-analyse in combinatie met een bewust gekozen concept van verschillende vormen van beveiliging resulteert in een overspanningsbeveiliging op maat. Daarbij zijn de NEN-EN-IEC 62305 Bliksembeveiliging en de NPR 8110 Risicoklasse-indeling Overspanningsbeveiliging de uitgangspunten.
Overspanningsbeveiliging is gebaseerd op de systematische combinatie van een aantal technieken: potentiaalvereffening, plaatsing overspanningsafleiders, afscherming en kabel-layout.
De potentiaalvereffening zorgt er voor dat alle niet-spanningsvoerende vreemde geleidende delen inclusief de aanwezige aardingsinstallatie, direct met elkaar worden verbonden. Met vreemde geleidende delen wordt bedoeld, centrale verwarming, trappenhuizen, liftgeleiders, luchtbehandelingsystemen, kabelgoten, kabelladders enz.
Overspanningsafleiders zijn in staat om de hoge piekspanningen tot een veilige waarde te reduceren zodat overbelasting in de installatie voorkomen wordt. De keuze van overspanningsafleiders en de plaats waar deze behoren te worden ingezet is afhankelijk van de overspanning waartegen men wil beveiligen. Het is ook belangrijk bij het bepalen van het type overspanningsafleider dat de restspanning achter de afleider is afgestemd op de gevoeligheid van de installatie en de apparatuur. En natuurlijk behoort de normale bedrijfssituatie niet negatief te worden beïnvloed door de toegepaste overspanningsafleiders. Door een goede afscherming van kabels en gevoelige elektronische apparaten kan elektromagnetische inductie worden voorkomen. Door het vermijden van lussen en risicoplaatsen in het kabelnet kan ook een bijdrage worden geleverd aan het voorkomen van overspanningen.